Een ochtend halverwege mei

De ochtenden zijn mijn favoriet. En in het bijzonder de ochtenden waarop ik ontwaak zonder wekker. Vanochtend was zo’n ochtend. Nu het lente is kost het me geen moeite om op te staan. Dat is heel anders in de winter, wanneer ik meteen een zwaar gevoel ervaar bij het meedogenloze trillen en pingelen van mijn telefoonalarm, en elke mogelijke negatieve gedachte al mijn hoofd is gepasseerd nog vóór de tweede keer sluimeren. In de winter kom ik op gang na het middaguur, maar vooral aan het einde van de dag, als het moment nadert dat ik weer mag terugkeren naar mijn warme stapel dekens.

Nee, nu het lente is fluit ik ’s ochtends mee met de vogels. Ik spring uit bed, maak koffie en thee – nooit alleen koffie of alleen thee, en altijd slokje-om-slokje gedronken, een vreemde maar ingesleten gewoonte –, zorg dat er verse bloemen staan op het kleine houten krukje. Ik ga zitten, doe ademhalingsoefeningen, 4 tellen in en 6 tellen uit, 4 tellen in en 7 tellen uit, door tot 10 tellen uit. En opnieuw. Tot mijn hoofd en lichaam zo rustig en scherp tegelijkertijd zijn, dat alleen zitten genoeg is.

Vandaag is het een ochtend halverwege mei. Vannacht droomde ik dat ik een blog begon. Het was geen bijzondere droom, ik zat gewoon te schrijven en ervoer een kalm gevoel van plezier. Dus na mijn ochtendritueel kroop ik achter mijn laptop en opende een leeg Word-document. De droom verraste me niet; al langer speelde ik met het idee om teksten online te delen. Schrijven is een van de manieren waarop ik gedachten het makkelijkste uit. Sommigen geven de voorkeur aan praten, anderen aan schilderen. Als ik praat lijkt het alsof ik slechts een laagje, een willekeurig deel van het geheel, naar buiten breng. Ik heb na een gesprek nooit het gevoel dat ik werkelijk de nuance en rijkdom van een overpeinzing of idee heb kunnen uiten – in hoeverre dat überhaupt al mogelijk is met woorden. Ik ben inmiddels ook gestopt om dat te proberen, en ben daardoor meer van gesprekken gaan genieten, van de verbondenheid, humor en uitwisseling die ze brengen. Dat neemt niet weg dat ik er enorm veel bewondering voor heb als mensen in volzinnen een volledige gedachtegang, inclusief zijtakken en kronkelwegen, weten uit te leggen. Een werkelijke gave. Al is zo’n uitvoerige beschrijving voor hen misschien alsnog slechts een flard, en ervaren zij gesproken woorden als net zo ontoereikend. Afijn, laat ik over schilderen maar niet beginnen.

Schrijven dus. Met een doel? Ik weet het niet. In elk geval met een anti-doel, namelijk het niet voorschotelen of in stand houden van wereldbeelden, en het niet meegaan in cynisme. In hoeverre dat lukt, durf ik niet te voorspellen. Daaruit komt misschien dan toch een doel voort, dat ik het beste kan omschrijven als openbreken. We weten met z’n allen helemaal niets, en dat is geweldig. Op het moment dat iemand denkt te weten hoe het zit, hoe het hoort in het leven, ontstaan er systemen, dogma’s, stereotyperingen, clichés (er bestaan geen clichés!), voorschriften, hokjes en oordelen. En dat allemaal gebaseerd op slechts een gedachte! Het belemmert ons te zijn wie we werkelijk zijn, soms heel direct en soms op een meer subtiele wijze. En het belemmert ons om elkaar te zien voorbíj snelle oordelen. We zijn zo veel meer dan ons gedrag en onze woorden, dan onze maatschappelijke posities en ons persoonlijke verhaal. We zijn zo veel rijker. De wereld kan zo afgebakend lijken, zo statisch, zo ‘af’. Als ik langs het nieuws scrol, reclames zie of de politiek volg, krijg ik soms heel sterk de drang om te ontsnappen. Te ontsnappen uit een wereld opgebouwd uit ‘gedachten over dingen’. Niets meer dan een luchtbel.

Hetzelfde gevoel kan ik hebben bij de verschillende werelden die in de wereld bestaan. De ‘literaire wereld’, de ‘spirituele wereld’, de ‘onderwijswereld’, de ‘modewereld’, de ‘yogawereld’, de ‘kunstwereld’, de ‘wereld van moeders’, de wereld van de wetenschap. Als we in de ene wereld denken te zitten en niet in de andere, als we ons gaan identificeren met een wereld, zijn we geneigd oordelen te vellen en woorden te gebruiken als gekkies, ‘oppervlakkig’, ‘bakfietsmoeders’, ‘burgerlijk’, ‘zweverig’, ‘onwetend’, ‘raar’, ‘onverantwoord’, ‘lelijk’, ‘mooi’, ‘hoogdravend’, ‘pulp’. En zo zweven er nog talloze, veelal onbewuste, oordelen rond. Oordelen die stuk voor stuk naar niets wezenlijks verwijzen. Die opnieuw enkel dankzij gedachteconstructies bestaan, maar tegelijkertijd diep verankerd zitten in het mens-zijn.

Waarom hebben we zo'n sterke neiging ons te identificeren? Willen we graag bij een wereld horen om het idee te hebben niet alleen op deze aarde rond te dolen? Om een gevoel van houvast aan te ontlenen, kaders en een doel te hebben? Niemand weet immers wat we hier komen doen, hoe we moeten leven. Maar wat maakt dan dat we een ander wel geloven?

Ik ben benieuwd wat er gebeurt als we de houvast, onze illusionaire gescheiden werelden, loslaten. Als we gewoon zijn wie we zijn, zonder ons te identificeren met iets of iemand. Ontdekken dat tegenstellingen eigenlijk helemaal niet bestaan. Lachen om onze eigen gedachten over dingen en mensen, en ze zien voor wat ze zijn: gedachten, geen waarheden. Misschien dat we dan een gevoel van ‘samen’ zullen ervaren dat verder reikt dan we ons ooit konden voorstellen. Dan hebben we onze beknellende werelden niet meer nodig.

Doorprikken, ontwarren en loslaten vraagt moed. Moed om eerst zélf een bak oordelen over je heen te krijgen. Maar als we allemaal proberen moed te vinden, zal die bak steeds leger raken.

Dit was een overpeinzing op deze ochtend halverwege mei. De tekst ontstond uit zichzelf, toen ik eenmaal begonnen was met schrijven. Ik heb geen idee wat de volgende tekst zal zijn. Misschien eentje met meer structuur, of juist met nog meer dwalingen. Ik wil perfectionistische gevoelens buiten de deur houden, en gewoon genieten van het schrijven, van het onderzoeken van mijn gedachten en, misschien, het inspireren van een lezer. Daarbij benadruk ik, wellicht ten overvloede, de teksten vooral met een korreltje zout te nemen. Lach erom, verwerp ze, of verwonder je. Maar besef vooral: we weten allemaal helemaal niets.

Tot een volgende ochtend,

Sanne





276 keer bekeken

©2019 door Komma & Koffie
©Foto's door Floor Hoorweg